I home
      I reisverhalen
      I congo
      I matonge
      I memisa
      I helpende handen
      I flandrien
      I literatuur
      I links
      I contact

African Women

Wat zou de Afrikaanse samenleving zijn zonder haar vrouwen? Het zijn zij de boel hier toch nog een beetje recht houden. Voor dag en dauw zijn ze in de weer en dat blijft zo tot de zon al lang onder de lakens is gekropen. Eerste werk van de dag is het vuur aansteken, daarvoor heb je hout nodig natuurlijk. Dat bijeen sprokkelen hoort bij haar takengamma. Iets voor achten dienen de kinderen te worden gewekt en aangekleed. Naar school gaan kunnen ze gelukkig meestal zelf. Met een bundel samengebonden takken wordt het woonerf gezuiverd van de geiten- en schapenstrontjes.  De eerste ketels water staan ondertussen op het vuur. Maar water halen is ook weer vrouwenwerk. Met een beetje geluk is er een pomp in de buurt, anders is dit een hels en tijdrovend karwei. Als de mannen wakker worden is de koffie doorgelopen. Pas als zij gedaan hebben, slurpen de vrouwen ook een bakje, als er over is tenminste. Veel tijd kruipt er in het bereiden van de maaltijd. Er wordt ook niet op een vast tijdstip gegeten of zo, als het gerecht klaar is, eet men. Meestal in de latere namiddag. Maar om te koken heb je ingrediënten nodig natuurlijk. Men leeft hier van dag tot dag en afhankelijk van haar budget kan de Afrikaanse vrouw iets klaarmaken. Geld om bijvoorbeeld een voorraad rijst aan te leggen is er meestal niet. Dus dagelijks naar de winkel of markt en kopen wat er die dag binnen de mogelijkheden ligt. Maar kruiden of zo vind je hier niet kant en klaar gemalen. Een vast beeld voor de huizen zijn dan ook dames die een grote houten stamper ritmisch laten neerkomen in een soort grote, zware houten kelk. Zo kan je tarwe tot couscous fijnmalen. Of grondnoten pletten voor  ‘maffé’, een soort pindasaus. Na de vaat wordt er in de tuin gewerkt of worden de kleren gewassen. Daarvoor moet je ook weer naar de rivier. Een tweede keer water halen is meestal nodig. Ze dragen dan een groot plastiek bassin van soms wel 40liter water, op hun hoofd! Wat de vrouwen hier met hun hoofd doen is echt ongelooflijk. Het lijkt wel of ze een extra ledemaat hebben. Kommen eten, jerrycans water, grote bijeengebonden pakken, kippen, bundels takken, het komt allemaal op de hoofden voorbijgezweefd. Op de rug, in een draagdoek hangt negen keren op tien een baby te bungelen. Tussendoor en vooral ’s avonds runnen de moeders ook  nog vaak een eetstandje langs de kant van de weg. Ze verkopen, uit pure geldnood, beignets, een soort oliebol, gebakken bananen, zakjes pinda’s, sandwiches met bonen of rijstschotels. Hoe ze erin slagen er ook nog eens piekfijn uit te zien met de meest fantasierijke kapsels en goedgezind te blijven is me een raadsel. De Afrikaanse man lijkt vooral met vrienden onder een boom te liggen suffen en te discussiëren over de dingen des levens. ‘Wij werken ook veel’ beweren ze, ‘maar  ‘t is nu het seizoen niet…

terug