I home
      I reisverhalen
      I congo
      I matonge
      I memisa
      I helpende handen
      I flandrien
      I literatuur
      I links
      I contact

Flarden Ebbenhout

Zoeken naar evenwicht
Op twee wielen door de wonderlijke wereld van het zwarte continent. Van Matongé in Brussel naar Matongé in Kinshasa. Voor het eerst begint het me te dagen dat zulks toch makkelijker gezegd dan gedaan is. De gezondheid laat het steeds vaker afweten. Mijn temperament en de zinderende hitte, 42 graden in de schaduw, dat is geen goed huwelijk. Elke overdreven fysieke inspanning betaal je cash. Goede periodes worden steevast verdrongen door ontlasting die zich in steeds hogere mate van vloeibaarheid manifesteert. Een vertering die moeilijk doet, zelfs een slok water ligt soms zwaar op de maag. Duizelingen, sterretjes, geen greintje energie, dehydratatie, wakkere nachten, het is er allemaal bij. Op kwade dagen durf ik boer nog scheet te laten. De schrik voor hun iets enthousiastere vormen zit er goed in. Sinds Conakry ben ik op de sukkel, werp maar eens een blik in het logboek. In Ouagadougou herstel ik van mijn derde crisis, hopelijk zijn alle boze diarrees en andere geesten nu eindelijk afgeweerd. Ik zal me een beetje moeten inhouden. Gedaan met etappes van 120 km en meer, rusten in de schaduw als de hitte piekt tussen 11 en 16u. Proberen wat meer evenwicht in de voeding te krijgen en veel meer drinken. Maar vooral luisteren naar mijn lichaam. Wat voor zin heeft het jezelf te pijnigen en op karakter te willen doorzetten als het stoffelijk omhulsel neen zegt. Natuurlijk is de geest sterker, maar in die beschränkun seigt zich der meister. Dokter, ik volg gedwee en zal je wellicht wijze raad niet meer in de wind slaan.

Centerparks
Want, het moet gezegd, in tijden van lichamelijke voorspoed, amuseren we ons nog steeds te pletter. Weg van Guinee richting Mali, de hitte zindert, het zweet gutst. Onder me kabbelt de Bafingrivier, een paradijselijk plaatje, compleet met rotsen en palmbomen. Hup daar vliegt een t-shirt over de schouders en luttele seconden begroet ik de frisheid van het koele water. Beter dan centerparks, minder chloorsmaak! En dan komen koters me gezelschap houden. We doen wedstrijdjes om de gekste sprong van een uitstekende rots. Om ter langst onderwater, voor het snelst naar de overkant,… Passerende mama’s leunen over de reling van de brug, lachen, zwaaien en knikken goedkeurend. Zalige zwempret. Die toch nog enigszins abrupt wordt afgebroken. Boze vaders komen enkele van de klein mannen een stevige afranseling verkopen. De jongens waren aan’t spijbelen om met mij te kunnen zwemmen. Vliegensvlug trekken ze hun uniform aan en met de broek nog op de knieën strompelen ze richting schoolgebouw. De papa’s keilen nog enkele flinke keien achter zoonlief aan. De witte van Zichem is hier niet ver weg…

Zwoele nacht
De nachten breng ik meestal door in de dorpjes. Dat loopt als volgt: enkele mannen keuvelen onder een boom, na mijn aankomst en het gebruikelijke begroetingritueel (zeer belangrijk) bekijken ze vol verbazing de fiets en dan komt er een resem vragen in de orde van watwiehoewaarwanneer? Als duidelijk wordt dat ik een slaapplaats wel kan gebruiken is er iemand die me meeneemt naar de Chef. Hij beslist of ik mag blijven of niet. Waarschijnlijk slechts een formaliteit, ik ben nog nooit geweigerd. Meestal krijg ik een hut in de compound van de chef ter mijner beschikking, of ik slaap bij de kerel waarmee het eerst contact is gelegd. Ik bied altijd aan om mijn tent op te zetten, maar dat wordt steevast weggewuifd. Vaak wordt er nog een bescheiden maaltijd genuttigd. Meestal toh, gemalen maïs of miel met bloem. Het lijkt op pudding, maar dan zonder smaak. Een dun sausje moet voor enig pigment zorgen. Bijzonder voedzaam is het niet, maar voor velen het enige wat binnen de mogelijkheden ligt. Met gerust gemoed kan ik me zo dus meestal neervlijen in de armen van Orpheus. Meestal want één nacht wordt het wel een beetje warm. In het dorpje Balladougou moet ik het bed delen met Billy Keita. Eerst hadden we ons gewassen in de Niger. Gezellig, jongens onder elkaar, blote flikker. Maar ’s nachts kruipt Billy wel erg dicht tegen me aan, de avond is zwoel en onze lijven plakken van het zweet. Het muskietennet geeft een extra romantisch cachet, het lijkt wel een hemelbed. Zijn zoete adem fluistert in mijn oor, on va s’amuser Aruna (mijn Afrikaanse naam), on va s’amuser kreunt hij. Terwijl hij zijn gespierde 24jarige lichaam steeds dicht tegen me aanwrijft. Daar lig je dan. Wellicht de natte droom van menige rechtgeaarde homo, maar ik houd het dan toch liever droog. Ik kruip nog meer naar de rand van het bed, val er net niet uit, doe of ik hem niet begrijp en mompel iets van moe - slapen, tot morgen. Gelukkig dringt hij niet al te fel aan en als hij ligt te ronken duw ik hem terug naar zijn helft van het bed. Tja, wat moet je doen? Je kan hem moeilijk een toek op zijn bakkes geven of het brullend op een lopen zetten…


L
ogboek:

29/02 - 06/03: Conakry: verjaardag, afscheid Daan en uitzieken
07/03: Mamou – Kourikouri: 103km, dorpje
08/03: Kourikouri – Kandrala: 111km, dorpje
09/03: Kandrala – Kourousa: 106km, motel
10/03: Kourousa – Kankan: 92km, mission katholique
11/03: Kankan – Baladougou: 93km, dorpje
12/03: Baladougou – Soumbarakoba: 76km, dorpje
13/03: Soumbarakoba – Sibi: 127km, auberge
14/03: Sibi-Bamako: 56km, mission katholique
15/03
- 23/03: uitzieken in Bamako
24/03: Bamako – Solo: 123km, dorpje
25/03: Solo – Koumantou: 122km, motel
26/03: Koumantou – Sikasso: 137km, hotel
27/03: rustdag en deadline Belang
28/03: Sikasso – Dieri: 91km, dorpje
29/03: Dieri – Bobo Dioulasso: 92km, hotel
30/03: Bobo Dioulasso theaterfestival
31/03: Bobo Dioulassa – Boni: 122km, dorpje
01/04: Boni: uitziekdag
02/04: Boni – Mobamba: 91km, dorpje
03/04: Mobamba – Sabou: 64km, campement
04/04: Sabou, uitziekdag
05/04: Sabou – Ouagadougou: 93km, hotel
06/04
- 11/04: Ouagadougou, uitzieken bij gastfamilie

T
otaal:  9548 km

terug