I home
      I reisverhalen
      I congo
      I matonge
      I memisa
      I helpende handen
      I flandrien
      I literatuur
      I links
      I contact

Column 3 (Belang)

Het Spaanse binnenland is woest, ruig, onherbergzaam en dun bevolkt. De natuur des te indrukwekkender. Toeristische polen heb ik bewust links laten liggen. Grote steden plegen roofbouw op je portemonnee. Bovendien,  als ik later vol jicht en reuma zit van het vele fietsen kan er altijd nog gecitytript worden naar pakweg Barcelona.

Het gevecht met de cols was hard en zwaar, maar ook de sierra’s in Spanje zijn niet van de poes. Het is voortdurend klimmen en dus zwoegen. Gelukkig maakt het natuurschoon veel goed. Rivieren snijden diep kloven door het gesteente, soms lijkt het wel de Grand Canyon in miniformaat. Roofvogels zijn de enige levende zielen die interesse hebben in die eenzame dwangarbeider van de weg daar beneden. Maar wacht eens, ginds vanboven, zijn dat geen oude bekenden? Inderdaad, vale gieren, wereldberoemd in Vlaanderen sinds hun doortocht vorige zomer. Hebben die beesten nu nog altijd honger? De tweehonderd kilo slachtafval die Natuurpunt destijds uitstrooide moesten ze niet hebben, maar mij zien ze blijkbaar wel zitten. Nochtans, zo’n lekkere brok ben ik niet meer, de vetrolletjes zijn er ondertussen wel afgefietst.

Het Spaanse binnenland en zeker de droge en bergachtige streken lopen langzaam leeg. Dat wordt pijnlijk duidelijk als ik het bergdorpje Tierga binnenrijd. Een steeds smaller wordende woonkern wordt omringt door afgebrokkelde en verlaten huizen. In 1900 telde het dorp nog ruim 700 inwoners, in 1995 287, vandaag zelfs geen 200
meer. Toch is er nog een café met restaurant en daarboven zowaar enkele gastenkamers. Het voordeel is, ze zien hier niet elke dag buitenlanders. Het lijkt of het gezin dat de zaak openhoudt uit een diepe winterslaap ontwaakt. Dochterlief, mama Esther en boer Angel schieten alle drie in actie om me het zoveel mogelijk naar de zin te maken. Als enige gast is een koninklijke behandeling mijn deel. 

De kamer is kraaknet. Er wordt een driegangenmenu voorgeschoteld, overgoten met heerlijke zelfgemaakte huiswijn. Volledig natuurlijk vertelt Angel, niet zonder trots.
‘Aha, Bio dus’ werp ik op, maar daar heeft de man nog nooit van gehoord. Weet hij veel, niet eens zo lang geleden was ook bij ons alles biologisch, zonder dat we dat daarom zo noemden… ’s Morgens krijg ik als uitsmijter nog een heerlijk ontbijt geserveerd. Dit alles voor de ronde som van 25 euro, dat is niet in de aap gelogeerd zou ik zo zeggen.

In Zuid-Spanje aangekomen is de olijvenoogst in volle gang. Opvallend, ze schudden de olijven op net dezelfde manier van de bomen als wij onze krieken. De Middelandse
Zee is bereikt, wat doet haar aanblik deugd. Nog even de toerist uithangen in Granada en Malaga, de fiets op orde zetten en de laatste inkopen doen op Europese bodem. Afrika wenkt.

(Besos de Jeronimo aka the latin lover:-)

Jeroen

terug